2003 - Groepstocht Elzas-Lotharingen

Uit FietsVakantieWiki

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

[bewerken] Groepsfietstocht: Elzas-Lotharingen (1-8 JUNI 2003)

Deze fietstocht gaat door de Franse landstreken Lorraine (Lotharingen) en Alsace (Elzas). Lorraine omvat de departementen Meurthe-et-Moselle (54), Meuse/Maas (55), Moselle/Moezel (57) en Vosges/Vogezen (88). Alsace omvat de departementen Bas-Rhin (67) en Haut-Rhin (68).

[bewerken] Steekkaart

[bewerken] Route

De route is 639 km en maakt een lus van TORGNY over METZ, BLANCHE-EGLISE, LA CLAQUETTE, COLMAR, LA CLAQUETTE, BLANCHE-EGLISE, METZ naar TORGNY. 

[bewerken] Moeilijkheidsgraad

Tekst

[bewerken] Route en bewegwijzering

Tekst

[bewerken] Etappe-indeling

  1. Dag 1: Samenkomst in TORGNY (10 km ten zuiden van Virton)
  2. Dag 2: TORGNY – METZ, 93 km
  3. Dag 3: METZ – BLANCHE-EGLISE, 75 km
  4. Dag 4: BLANCHE-EGLISE – LA CLAQUETTE, 75 km
  5. Dag 5: LA CLAQUETTE – COLMAR, 75 km
  6. Dag 6: COLMAR – LA CLAQUETTE, 75 km
  7. Dag 7: LA CLAQUETTE – BLANCHE-EGLISE, 78 km
  8. Dag 8: BLANCHE-EGLISE – METZ, 78 km
  9. Dag 9: METZ – TORGNY, 90 km.

[bewerken] Hoe kom je er

Met de auto:

Met de trein:

Ander: 

[bewerken] Vervoer ter plaatse

Busverbindingen:

Treinverbindingen:

Ander: 

[bewerken] Kaarten en gidsen

Tekst

[bewerken] Logies (Overnachtingen)

  • Dag 1 - TORGNY
    Overnachting in de gîte ‘Saint-Luc’ van “Les Amis de Torgny”, rue de l’Ermitage 6, 6767 Torgny Tel. 063-44.56.52.  Prijs: 7,5 € voor de kamer en koffie. Zelf ontbijt verzorgen! Er zijn fiets+trein mogelijkheden via Libramont en Virton, en ook via Marbehan E-mail: Web: 
  • Dag 2 - METZ
    We verblijven in de jeugdherberg ‘Carrefour’, rue Marchant 6, 57000 Metz (centrum) Tel.: 00 33 3 87.75.07.26 E-mail: ascarrefour@wanadoo.fr Half-pension. Prijs: kamer + ontbijt: 12 € - Souper: 6,5 €. Ontbijt tussen 7-8.00 uur.
  • Dag 3 - BLANCHE-EGLISE
    Overnachting in de ‘Gîte d’étape communal’, rue Principale 35, Blanche-Eglise (Moselle) Tel: 00 33 3 87.01.10.97 (Véronique Davrainville) Prijs: kamer 7 €. Geen ontbijt) De gîte heeft een goed uitgeruste keuken. Avondmaal in Mulcey, op 1,2 km van de gîte, in het restaurant “Le Relais de Chasse” – tel.: 03-87.86.89.60
  • Dag 4 - LA CLAQUETTE
    Na het ‘Parc Naturel Régional de Lorraine’ volgen we de fietsroute “Amsterdam-Rome”, van Benjaminse”. Door bos en groen trekken we de Elzas binnen. Na de ‘Col du Donon’ (727 m) dalen we af naar de ‘Vallée de la Bruche’. Wij worden verwend in de FAI, de ‘Foyer d’Amitié internationale’, rue Général Leclerc 36, La Claquette (Bas-Rhin), tussen Schirmeck en Rothau, Tel.: 00 33 3 88 97 06 08 e-mail: laclaquette.fai@wanadoo.fr  Half-pension: 29 €
  • Dag 5 - COLMAR
    We fietsen verder zuidwaarts door de groene Elzas. Na de Col de Steige, en een degustatie bij de likeurdistilleerder, volgen we in Vallé de bewegwijzerde fietsroute. Voorbij Châtenois komen we in depart. Haut-Rhin. Rechts van ons zien we de hoge Vogezen en de burcht Haut-Koenigsbourg. We overnachten in de jeugdherberg, rue Pasteur 2, Colmar. Tel.: 00 33 3 89 80 57 39 Prijs: Kamer + Ontbijt: 11,5 €. Avondmaal in restaurant aangewezen door de jeugdherberg.

  • Dag 6 - LA CLAQUETTE
    We fietsen terug noordwaarts en volgen een gedeelte van de bekende ‘Route du Vin d’Alsace’. Je kent de typische Elzas-fles met de lange hals (fluitvorm) en de bekende Riesling, Gewurztraminer of Sylvaner. We bezoeken het typische Elzas stadje Riquewihr en voor de vrijwilligers is er de klim naar de burcht Haut-Koenigsbourg. Opnieuw logies met half-pension (29 €) in La Claquette.'
  • Dag 7 - BLANCHE-EGLISE
    Na de Col du Donon keren we terug langs Abreschviller en we fietsen langs het ‘Canal de la Marne au Rhin’. Opnieuw overnachting in de ‘gîte d’étape’ van Blanche-Eglise (7 €)
  • Dag 8 - METZ
    Opnieuw overnachting in de jeugdherberg. Zelfde formule en prijzen als op de heenreis.
  • Dag 9 - TORGNY
    Er kan nog overnacht worden in de gîte. Voor de prijs (7,5 €) hoef je het niet te laten!! 

[bewerken] Info

Tekst  

[bewerken]
Detail Fietsroute

Gebruikte afkortingen en symbolen in de onderstaande routebeschrijving. 1RA: aan de eerstvolgende weg rechtsaf – T-LA: einde van de weg, linksaf - X-RD: bij kruispunt, rechtdoor - Y-RA (W): bij wegsplitsing, rechtsaf westwaarts – 2LA (NO) “Epiez”: de tweede weg linksaf (noordoostelijk) in de richting van Epiez (vaak de wegwijzeraanduiding)

1. Zondag 1 juni: TORGNY-METZ: 93km

Gîte, RD stijgen [te voet!] langs de kerk – RA “Epiez”. Altijd RD op D29c en via Charency naar Longuyon. Hier RA, door spoorwegtunnel en 1LA op N43 naar Pierrepont. Verder op N43 door spoortunnel en 1RA aan wegwijzer “Pisciculture”. [Rustpauze bij vissers] - Y-LA en langs kerk Boismont. T-RA op N43 naar Mercy-le-Bas. X-LA op D24 door Mercy-le-Haut, Boudrezy en Mallavillers. T-LA op D156 naar Audun-le-Roman; bij kerk, RA op D156 en op D156 naar Fontoy. Voorbij de snelwegtunnel RD naar centrum – RA door spoorwegtunnel op D58 “Trieux” – 1RA langs het spoor en Y-LA (Z) en X-RD klimmen op wegje over A30 en verder naar Neufchef. X-RA op D57 “Briey”. Y-LA op D9a naar Moyeuvre-Grande. Over spoor, RA en LA op D11 naar Joeuf. Aan de rotonde met smeedijzer monument, LA op D11 “Montois-la-Montagne”, een lange klim met haarspeldbochten. T-RA en 1LA op D54a “Roncourt”. Aan rotonde, RD op D54a naar Roncourt. T-RA op D54 “St-Privat”. X-LA op N43 en 1RA op N43 “Amanvillers” - over A4. In Amanvillers, LA op D51 door Lorry-lès-Metz. X-RA op de D7 “Metz”. De Route de Lorry verder volgen, en X-LA: ‘Pont de Fer’ over het spoor en over de A31 – rue de Paris – Pont de Canal – Pont des Morts over de Moselle – rue du Pont des Morts en over Moyen Pont. LA langs het kanaal en RA: Boulevard Paixhans en RA langs ‘Rue Marchant’ naar de jeugdherberg ‘Carrefour’. [Negeer wegwijzers “Auberge de Jeunesse”] [Bagage afladen op receptie, fietsen achteraan op fietsparking]

2. Maandag 2 juni: METZ – BLANCHE-EGLISE: 75 km

Rue Marchant – Bd Paixhans – Bd Maginot – LA door spoortunnel – Avenue de Plantières – rechts meedraaien: Avenue de Strasbourg tot de grote rotonde. LA: Boulevard Solidarité en verder RD de wegwijzers “PANGE” volgen. Aan de rotonde in Pange, 2RA op D67 “Domangeville”. 1LA (opletten!) op D67 “Domangeville”. Links meedraaien op D70 “Chanville” en verder altijd RD op D70 door Arriance en langs Many. X-LA op D999 langs Arraincourt. In Brulange: 2LA op D76 door Suisse. In Landroff, T-RA op D20 naar Baronville. T-LA op D999 “Morhange” en T-LA op N45 “Morhange”. RA op D999 door Morhange en verder op D999 naar Conthil. X-RD op D999 “Dieuze”. T-LA op D38 naar Dieuze, RA door het centrum. Aan verkeerslichten, LA op de D22a “Blanche-Eglise” en Gîte d’étape. (aangeduid!)

3. Dinsdag 3 juni: BLANCHE-EGLISE – LA CLAQUETTE: 75 km

Gîte, 1 km terug op D22a “Dieuze” – RA op C1 “Guéblange”. Bij stop, RA op D22 (geen aanduiding). In Guéblange, LA op D22k “Gélucourt” (Opletten!). Daar RA op D22 “Maizières” – X-RD [Op de hoek is bakkerij/winkel] op wegje ‘3,5 ton’ naar Ferme Hellocourt [bezoek aan monumentale kasteelhoeve]. T-LA (geen wegaanduiding) en deze weg volgen tot rotonde. Volg D40b “Réchicourt”. [Bekijk links van de weg: Ecluse 7 van ‘Canal de la Marne au Rhin Est’] In Réchicourt, LA op D89 “Gondrexange” – Y-RA op D90 “St-Georges”. Hier, T-RA “Blâmont” en 1LA “Hattigny”. In Hattigny, LA op D90 “Niderhoff” – X-RA op D41 langs de Sarre Blanche [picknick]en Y-LA op D993 “Le Donon”. Klimmen op de D993 naar een hoogte van bijna 800 m (Le Donon) en afdalen naar ‘Col du Donon’ (727 m). T-LA op D392 “Schirmeck”. In Schirmeck, X-RA op de drukke N420 “Rothau” en volg de bordjes “F.A.I.” Y-RA “La Claquette”. LA, en voorbij de kerk van La Claquette: de Foyer d’Amitié Internationale (F.A.I.)

4. Woensdag 4 juni: LA CLAQUETTE – COLMAR: 75 km

F.A.I., RA en 1LA aan Hotel over de Bruche en het spoor. T-RA op de drukke N420 en voorbij de kerk van Rothau. De N420 blijven volgen tot St-Blaise. Hier LA op D424 “Villé 17 km” en gestaag klimmen naar de Col de Steige (537 m). [In Steige, bezoek aan “La Destillerie Artisanale Jo Nusbaumer” met degustatie van diverse likeuren] Vanaf Vallé volgen we het logo van de bewegwijzerde fietsroute, eerst op D424, verder op een aparte bedding, eerst rechts en daarna links van D424. Met zicht op de kerk van Scherwiller, T-RA op D35 (Route du Vin) naar Châtenois. Rotonde, RD centrum. Voorbij de Toren uit de 12de –15de eeuw, LA de fietsroute verder volgen, en X-2RA het fietspad “Bergheim”. [Facultatief: RA heen en terug naar het karakteristieke centrum van het Elzasserstadje Bergheim] RD op fietsroute (D42) “Guémar”. Aan rotonde, LA op D106 “Guémar” en “Colmar 15 km”. Bij Guémar, schuin links door tunnel onder E25 en op D106 “Illhaeusern”. Rotonde, RA op D106 door Illhaeusern – 500 meter buiten het centrum, RA (Z) midden in het veld met verbodsteken toegang ‘s nachts. T-RA op D3 en 2LA (Z) zonder wegaanduiding. In Holtzwihr, links meedraaien en T-RA “pijl Colmar” – X-RD (D4 dwarsen). Aan rotonde, RD op D111 “Colmar” en verder op D111. T-RA op N415 – over A25 op ‘Route de Neuf-Brisach’. Op ringweg RA (NW) ‘Route de Selestat’ en direct 1LA op ‘Rue de la Cavalerie’. T-LA op ‘Rue de la 5de Division Blindée’ en RA op de ‘Route d’Ingersheim’. Aan de verkeerslichten, RA: ‘Rue Pasteur’ en de jeugdherberg. [even verder op de ‘Route d’Ingersheim’ zijn 2 fietsmakers]

5. Donderdag 5 juni: COLMAR – LA CLAQUETTE: 75 km

RA op ‘Route d’Ingersheim’. In Ingersheim, RD (2 rotondes) en op D1bis: “Ribeauvillé” [let op de borden “Route des Vins d’Alsace”, met verderop kansen voor degustatie in wijnhuizen] Aan rotonde, RD (N) op D10: “Riquewihr 9 km”. Volgende rotonde, verder op D1bis. Voorbij afslag naar Beblenheim (rechts), LA op D3 naar Riquewihr. [Minstens een uur bezoektijd voor het prachtige Elzasserstadje Riquewihr] Riquewihr verlaten via rotonde op D11 – T-LA op D1bis “Ribeauvillé”. In Ribeauvillé meedraaien naar centrum en terugkeren via twee rotondes, en de aanduiding “Camping” volgen. Op de fietsroute, LA “Bergheim” tussen de wijnvelden. [Stop midden de wijnvelden bij het bord (linkerkant weg) met informatie over de hier geteelde “Muscat druiven”. Hier heb je een prachtig uitzicht op de ‘Haut-Koenigsbourg’ (755 m), de hoogstgelegen burcht van de Elzas] Verderop splitst zich het fietspad: scherp RA naar Bergheim, of RD op grindweg. [Een sportieve uitdaging, de klim naar Haut-Koenigsbourg Fietsweg RD op grindweg. X-RD (hoofdweg dwarsen) en X-LA op D42. De klim gaat gelijkmatig met een niet te hoog stijgpercentage. In Thannenkirch vind je picknickbanken “voorbij” het Restaurant. Verder naar de burcht Haut-Koenigsbourg van de Hohenstaufen – inkom 7 € - terugkeer op D159 via Kintzheim, en T-LA op D35 door Châtenois] We volgen de fietsbordjes “Bergheim” en verder “Kintzheim”. LA naar/door Châtenois. Hier aan de rotonde, RD op D35. Ter hoogte van de kerk van Scherwiller (rechts van de weg), LA en de bordjes met het fietslogo volgen naar Villé. Op D424 verder naar Steige en klimmen naar de ‘Col de Steige’. Afdalen naar St-Blaise. T-RA op drukke N420 in de vallei van de Bruche. Voorbij de draai aan de Kerk van Rothau, 1LA en T-RA naar La Claquette en de F.A.I.

6. Vrijdag 6 juni: LA CLAQUETTE – BLANCHE-EGLISE: 81 km

In Schirmeck, LA op D392 “Col du Donon 9 km”. Na het bordje ‘Col du Donon’, X-RD op D393. Na 2 km, Y-RA op D154 en D44 “Abreschwiller”. Na de klim naar 813 m, afdalen naar Abreschwiller. RD op D44 “Lorquin”. Neem het fietspad links van de weg langs de Sarre Rouge, en verder op D44bis. Door het centrum van Lorquin en op driesprong, RD op D104b “Ladange”. In Ladange, X-RD en Y-LA klimmen en X-RD (N4 kruisen) naar Gondroxange. RD links van “Canal de la Sarre au Rhin Est” en RA langs Canal – X-RD en langs het jaagpad tussen vijvers. Dit kanaal verbindt Nancy met Sarrebourg en verder richting Strasbourg. Einde jaagpad, RA over Kanaalbrug en LA (W) op grindweg door het bos. [Alternatief: na het jaagpad, LA (Z) “Réchicourt”. Even verder RA naar Canal, jaagpad en de grote sluis van Rechicourt]. In het bos altijd RD, al lijken bospaden links beter. Na modderstrook verlaten we het bos langs kasteelhoeve ‘Romécourt’. 1LA op bosweg. T-LA op grindweg, en na 500 meter, T-RA naar Maizières. X-RD op D999 “Gélucourt” – T-LA op D22k “Guéblange” – T-RA (NO) op D22 – Y-LA (W) [voor het bos, geen wegaanduiding] en T-LA op D22a “Blanche-Eglise”.

7. Zaterdag 7 juni: BLANCHE-EGLISE - METZ: 78 km

Op D22a naar Dieuze en LA op de D22. LA naar Vergaville en door het dorp. T-LA (NW), over het spoor en RA door Guébling. T-LA op D28. Na de spoorweg, 1RA “Lidrezing” op wegje ‘3,5 ton’. [bij stijging 20 %, stuk lopen] RA (N) op D79c “Zarbeling” – T-LA op D79 “Conthil” – X-RA (N) op D999 “Morhange”. Rotonde, RD “centrum” en links mee. X-RD op D999 “Baronville” – T-LA op N74 “Baronville 1 km”. RA op D999 “Baronville” – Hier LA op D999 door Brulange, langs Arraincourt, door Vatimont en Han-sur-Nied. Y-RA op D999 door Rémilly en Lemud. RA op D71 naar Sanry-sur-Nied. Y-LA op D67 naar Pange. Op rotonde, LA op D4 en altijd RD “Metz”. In de verkeersdrukte, RA op D4 “Metz-Technopole” en “Borny”. Verder ‘Bd Solidarité’ en ‘Bd de la Défense’. RA op ‘Av. de Strasbourg’ en LA op ‘Av. de Plantières’. Door spoorwegtunnel, RA en RD op ‘Bd Maginot’. Na de spoortunnel, RD op ‘Boulevard Paixhans’. Naar het fietspad op middenstrook tussen de bomen, en LA: ‘Rue Marchant’ en de jeugdherberg.

8. Zondag 8 juni: METZ – TORGNY: 93 km

Fietsparking, RA naar verkeerslichten. LA op Bd Paixhans. Aan de verkeerslichten, LA en schuin LA en verder RD naar de opeenvolgende bruggen: ‘Moyen Pont’ – ‘Pont des Morts’ – ‘Pont du Canal’ – ‘Pont de Fer’ over de A31 en de spoorweg. RA op ‘Route de Lorry’ en RD blijven. X-LA (W) op D 51 door Lorry-lès-Metz – X-RA op N43 naar St-Privat. X-LA op N43 en 1RA op D54 “Roncourt”. Voorbij de kerk, LA op D54a “Montois-la-Montagne”. Aan de rotonde, RD – T-RA op drukkere baan - 1LA op D11 en scherp afdalen naar de rotonde met smeedijzeren monument in Joeuf. RA op D11 “Moyeuvre-Grande”. Over brugje Orne en RA op D9 “Hayange”. Bij rotonde, LA op D9a “Moyeuvre-Petite”. LA (W) op D139 “Avril” – X-RA op D139a en verder D906 door Trieux. Y-RA en vlak voor spoorweg, LA en 1RA door spoortunnel op D24 naar Anderny en Malavillers. X-RD op D24 door Mercy-le-Haut en Boudrezy. RA op D24 naar Mercy-le-Bas. Hier X-RA op N43 “Longuyon”. In Boismont, juist voorbij D16 (rechts), 1LA (klein wegje “pêche”). Aan kerk, Y-LA “Han” – Y-RA langs visvijvers. T-LA op N43 door Pierrepont. In Longuyon, T-RA door spoortunnel en RD op D29b naarVillancy. Y-LA “Charency” en verder op D29 naar Charency. Hier RA op D29c naar Torgny. LA afdalen naar de gîte.


[bewerken]
Routebeschrijving

[bewerken] Dag 1 : Torgny – Metz, 93 km

zondag 1 juni

Onze startplaats Torgny is het meest zuidelijke Belgische plaatsje. Het geldt als een van de mooiste Ardense dorpen. Torgny ligt in de Gaume streek, op de grens met Frankrijk. Opvallende kenmerken van de streek zijn: een zacht golvend plateau met akkers, weilanden en bossen. Heel typisch zijn de "cuesta's", heuvels die aan de ene zijde een steile, aan de andere kant een zachte helling vertonen. Dank zij het uiterst zachte klimaat en de vruchtbare mergelbodem, vind je in dit ‘Gaumse dorp’ wijngaarden in open lucht. De streek is ook beroemd om zijn culinaire tradities. De restauranthouders gaan prat op de typische streekgerechten. Vermaard in de streek is ook het trappistenbier van de nabije abdij van Orval. Info over Orval op: http://perso.wanadoo.fr/stenay/francais/environs/orval.htm

In Frankrijk, op goed 10 km van Torgny, bevindt zich de indrukwekkende Citadel van Montmédy. De vesting werd in de 16de eeuw door Karel V op een rotsachtige heuvel gebouwd. In de 17de eeuw werd het grondig verbouwd door de bekende fortenbouwer Vauban. De Citadel is nog volledig bewaard en wordt nog bewoond. Met behulp van een ingesproken cassette kunnen bezoekers de sfeer van weleer opsnuiven, tijdens de bewegwijzerde rondgang op de vestingen. Je vindt tientallen prachtige foto’s van de Citadel van Montmédy op de volgende website: http://www.wanderingwolves.com/~milamber/RingOfDoom/dynamisch/locatie.php?LNR=2

Eveneens vlak over de Franse grens in de omgeving van Montmédy, ligt het plaatsje Avioth en zijn beroemde basiliek Notre-Dame. Het wordt beschouwd als model voor de ontwikkeling van de gotiek. Meer info op de website: http://perso.wanadoo.fr/stenay/francais/environs/avioth.htm

En in Stenay, niet ver verwijderd van Montmedy, bevindt zich het grootste biermuseum ter wereld: “Le Musée Européen de la Bière”. Info: http://www.ac-nancy-metz.fr/pres-etab/Kastler_lyc/stenay.htm, of http://perso.wanadoo.fr/stenay/francais/ville/19ville.htm

Ten noordoosten van Longuyon (departement ‘Moerthe-et-Moselle’ in Lorraine), bereik je na een omweg van hoogstens 10 km van onze route, enkele interessante bezienswaardigheden:

  • In Cons-la-Grandville (800 inw.) bevindt zich een interessant renaissancekasteel dat gebouwd is op een merkwaardige zware sokkel. Alleen dit massieve onderstuk herinnert aan de vroegere middeleeuwse burcht die in de Dertigjarige Oorlog (1618-1648) werd verwoest. ‘Le Château’ is vanaf juni elke namiddag van 14-18 uur toegankelijk (4,5 € - duur: 45 minuten). Onder de 18de-eeuwse Eglise St. Michel bevindt zich een Romaanse crypte met stijlkenmerken uit het gebied van Maas en Neder-Rijn. Liefhebbers van industriële archeologie vinden een hoogoven uit 1865 bij de zuidelijke dorpsuitgang. Meer info op: http://www.edenplanet.com/cons/site_final/
  • Het “Fort Fermont” op 5 km ten oosten van Longuyon. Het Fort Fermont ligt op een heuvel met meer dan 2 km ondergrondse gangen. Samen met 52 andere forten en meer dan 1.000 kleinere opstellingen maakte het deel uit van de befaamde Maginotlinie (1). Fermont was het grootste ‘ouvrage’ in deze sector. Van op de heuvel hielden de Fransen tijdens WO2 de grens tussen Longwy en Longuyon onder controle. Het is een van de weinige forten van de Maginotlinie die door de Duitse troepen serieus werd aangevallen in 1940. In veel gevallen trokken de Duitse troepen in een boog om de Maginotlinie heen. De bezetting gaf zich pas over na de wapenstilstand (met de Vichy-regering) van 27 juni 1940, en nadat de Duitsers op 12 en 13 mei een bloedige doorbraak forceerden in een van de zwakke plek van de linie bij Sedan aan de Maas. De rondleiding (2.35 uur) gaat deels per trein door het ondergronds labyrint van gangen, zalen, bunkers en batterijen. Individuele bezoektijden in juni: vanaf 14-15 uur en op aanvraag. In juli vanaf 14 uur. Warme kledij gewenst (11°C). Frankrijk investeert zwaar in de restauratie van zijn “ouvrages”. De Maginotlinie vormt immers een ingrijpend element in de Franse geschiedenis. Info over Fort Fermont op: http://home.hccnet.nl/hans.vermeulen/fermont/folder/folder_fermont.htm en op: http://fortweb.net/fermontweb/nl/index.htm

(1) De Maginotlinie tijdens WO2 (1940-1945), is de bekendste militaire verdedigingsgordel van de 20ste eeuw. In de jaren dertig (20ste eeuw) liet de Franse regering een netwerk van kazematten en forten aanleggen. Het was bedoeld om Duitsland en Italië een halt toe te roepen. Die landen begonnen na de nederlaag in WO1 (1914-1918) te herbewapenen. De verdedigingslinie loopt van de Kanaalkust in het Noordwesten van Frankrijk via Lorraine (Noordoosten) naar het zuiden tot aan de Middellandse zeekust. De linie kreeg de naam van de in 1932 overleden Franse minister van oorlog, André Maginot. Deze linie passeert dicht bij onze route. Van Bastogne in de Belgische Ardennen, en gaat ze langs Aarlen en Longwy naar de Moezelvallei. Ze loopt door Metz en verder doorheen Lorraine. De grootste concentratie verdedigingswerken bevindt zich in het departement Moselle. Verdere info op: http://www.maginot67.com/present_site.htm of http://www.maginot.org/

Metz

Metz, de hoofdstad van Moselle, is strategisch gelegen op het plateau van Lotharingen, aan de oever van de Moezel. Het heeft een rijk verleden. Reeds in de Gallo-Romeinse periode was het een kruispunt van wegen, en al in de vierde eeuw kreeg het stadsrechten. Metz vormde de wieg van de Karolingische Koningen. Oorspronkelijk was het de hoofdstad van heel Lotharingen, nu is dit Nancy. Al in de middeleeuwen was het een welvarende stad die tot het Duitse Rijk behoorde; zo werd het ook een ‘vrije stad’. Vanaf 1552 komt het terug bij Frankrijk en van die periode dateert zijn verdedigingsmuur. In 1871, aan het begin van de Industriële Revolutie, keert het terug naar Duitsland. Een kwart van de inwoners vlucht meteen naar Nancy, vooral intellectuelen, kunstenaars en industriëlen. In 1918 komt het terug bij Frankrijk. Zijn vestigingsmuren maakten deel uit van de Maginotlinie.

Hoogteligging: 189,75 meter - Inwoners: 127 498 - agglomeratie 322 526. Metz heeft een centrale ligging; de afstand tot Parijs: 333 km; tot Luxemburg: 60 km; tot Duitland: 60 km; tot België: 80 km

Office de Tourisme2 Place d'Armes, (bij de kathedraal), B.P. 80367 Metz - 57007 Metz Cedex 1 Tél. +33 (0)3 87 55 53 76 E mail: tourisme@ot.mairie-metz.fr Openingstijden: maart - juni en september – oktober, van maandag tot zaterdag: 9-19 uur Zon- en feestdagen: 11-17 uur

Stadsplan van Metz op: http://www.mairie-metz.fr:8080/METZ/GEO/images/METZ_CENTRE_COUL.sup

Een bezoek aan de ‘Cathédrale Saint-Etienne’ (13de eeuw) is een must. Het gebouw is opgetrokken uit de voor Metz zo karakteristieke zachtgele Jaumontsteen. Met een hoogte van 41,77 meter is het middenschip na Beauvais en Amiens, het hoogste kerkschip van Frankrijk. Het zijn vooral de glasramen in dit gotisch bouwwerk die de aandacht trekken. De kathedraal kreeg de bijnaam van "Lanterne du Bon Dieu", vanwege het vele licht dat door het enorme oppervlak aan gebrandschilderde ramen naar binnen komt. In totaal zijn er 6500 m² glas-in-loodramen van beroemde kunstenaars vanaf de 13de tot de 20ste eeuw (Bousch, Maréchal, Villon, Bissière, Chagall,...). Volg de wandelroute die aangeduid is op de toeristische folder langs de Place d'Armes (het toeristische centrum met de kathedraal en het stadhuis), Place de la Comédie, Quartier de la Citadelle, Place Saint Louis,..., de Moezeloever en eventueel de Botanische tuin. De musea zijn op dinsdag gesloten. Meer info over Metz op de website van de stad: http://tourisme.mairie-metz.fr

Een beperkt overzicht van ontspanningsmogelijkheden in de regio Metz:  Een daguitstap naar Amnéville met Thermapolis (http://www.amneville.com/ ), dierenpark en aquarium.  Bezoek aan het Walibi Smurfenpark in Maizières-lès-Metz (tussen Metz en Thionville)  Het IJzermijnmuseum (Musée des Mines) in Neufchef (dit museum ligt op onze route)  Maison de Robert Schuman et le Jardin des Plantes in Scy-Chazelles (Moezel, zuidwesten van Metz)

[bewerken] Dag 2 : Metz – Blanche-Eglise (Dieuze)

Maandag 2 juni

Gisteren fietsten we van het departement Moerthe-et-Moselle naar het departement Moselle. Vandaag blijven we in departement Moselle. Op het einde van de tweede dag komen we langs Dieuze in het ‘Pays du Saulnois’ of ‘Le pays du sel’.

DIEUZE: Moselle (57) - Lorraine - Hoogte 210 m. - 4069 inwoners. Office de Tourisme, 10 place de l'Hôtel de Ville, 57260 DIEUZE , tél. 03.87.86.06.07, Email : mairie@ville-dieuze.fr website: www.ville-dieuze.fr Open van 13.30-18.00 uur

Tot in 1973 werd hier in ‘Les Salines Royales’ zout gewonnen uit de bodem. Behalve deze nu bouwvallige gebouwen, heeft Dieuze weinig toeristisch aanbod. Er zijn wandelpaden langs de rivier La Seille, en een netwerk van wandelpaden in het bos en naar enkele vlakbije grote visvijvers.

In Marsal, een plaatsje 5 km ten westen van Blanche-Eglise, bevindt zich het ‘Musée du Sel’. Je ziet er de oudste en de modernste technieken van zoutwinning. Musée du Sel, 57630 Marsal Tel./fax: 00 33 (0)3 87.01.16.75

[bewerken] Dag 3 : Blanche-Eglise – La Claquette

dinsdag 3 juni

Van uit Blanche-Eglise fietsen we in het ‘Parc Naturel régional de Lorraine’ [info op: http://www.parcs-naturels-regionaux.tm.fr/lesparcs/lorrc.html, en http://www.pnr-lorraine.com]

door een gebied dat ‘Pays du Saulnois’ wordt genoemd. Hier werd vanaf de oudheid zout op geringe diepte geëxploiteerd. De rivier de Seille en de bodemstructuur zijn verantwoordelijk voor deze zoutafzetting.

Het Massief DONON Het bergmassief Donon ligt op de grens tussen Lotharingen en Elzas. Tijdens de klim van de ‘Col du Donon’ (727 m) fietsen we van Lorraine naar de Elzas, of van depart. Moselle naar depart. Bas-Rhin. Van oudsher is dit een gebied dat van groot historisch en geografisch belang is. Kelten, Romeinen, Franken en Germanen trokken al dan niet met hun vee over de Col du Donon. Nu is het gebergte zeer in trek bij liefhebbers van wintersporten. Le Donon (1009 m) is het hoogste punt van het Donon Massief. Dit zandsteengebied van de zuidelijke Vogezen vormt het waterreservoir van de streek. Hier ontspringen diverse waterlopen. Deze stroompjes snijden samen met hun pittoreske valleien het mooi beboste Massief in stervorm. De laatste vogezenbeer werd gedood in 1786.

Schirmeck (315 m. – 2200 inw.) is de belangrijkste plaats in de Vallée de la Bruche. Op de andere oever ontwikkelde zich de voorstad La Broque (2.600 inw.) toen de textielindustrie in de 19de eeuw voet aan de grond kreeg. De textiel is inmiddels grotendeels verdwenen; machinebouw en (winter)toerisme kwamen in de plaats. Info over Schirmeck op: http://www.bruchenvironnement.org/schir1_mv.html

Vanuit Rothau stijgt een 8 km lange weg naar het Duitse concentratiekamp ‘Le Struthof’ van Natzwiller. Het werd in 1940/41 gebouwd door gevangenen, die het materiaal voor de bouw vanuit het diepe dal op hun rug naar boven sleurden. Le Struthof was een berucht kamp. Politieke tegenstanders werden naar hier gedeporteerd en verdwenen ‘im Nacht und Nebel’. Men schat het aantal verdwijningen op twintigduizend. Van het in september 1944 ontruimde kamp zijn nog zichtbaar: de uitgestrekte terreinen met barakken, de dubbele omheining met prikkeldraad, de grote toegangspoort, de wachttorens, de verbrandingsoven en de cellen. Eén van de barakken herbergt nu het ‘Musée de la Déportation.. Op het kerkhof boven het kamp zijn 1120 gedeporteerden begraven. Een monument van een afgeknotte zuil toont het silhouet van een gedeporteerde.

[bewerken] Dag 4 : La Claquette – Colmar

woensdag 4 juni

Jean-Frédéric Oberlin (1740-1826) – de sociaalvoelende dominee van de Elzas – is begraven op het Lutherse kerkhof van FOUDAY (N420 tussen St-Blaise en Rothau), samen met zijn zoon en dienstbode Louise Schlepper. Ban de la Roche, op de rechteroever in de Vallée de la Chergoutte bij Fouday, was een arm en onvruchtbaar dal. Door opeenvolgende oorlogen, o.m. de Dertigjarige Oorlog (1618-1648), raakte de bevolking ontmoedigd. Oberlin werd in 1767 pastor in het dorpje Waldersbach en veranderde het leven van de dorpelingen grondig. Hij stichtte scholen en kinderverblijven, legde wegen aan en richtte weeffabriekjes op. Zijn dienstbode Louise Schlepper nam de zorg op zich van tehuizen voor meisjes. Het Musée Oberlin, ondergebracht in de oude pastorie van Waldersbach, brengt hem en zijn werk in herinnering. Het Steinthal behoorde tot de Ban de la Roche, een geheel van acht dorpen en enkele gehuchten. Het was een protestantse enclave in een katholieke omgeving, met een eigen dialect. De jonge Oberlin stimuleerde de boeren om hun landbouwmethoden te verbeteren en nieuwe gewassen – waaronder aardappelen – te verbouwen en richtte een boerencoöperatie op. Hij haalde het gebied uit zijn isolement door de bouw van wegen en bruggen.

Steige: bezoek aan ‘La Destillerie Artisanale Jo Nusbaumer’ met degustatie van diverse likeuren.

Vanaf Villé tot Kintzheim volgen we het fietspad van de Europese fietsroute die Villé verbindt met Elzbach in het Duitse Zwarte Woud. Voorbij Thanvillé valt deze fietsroute samen met de oude ‘Route du Sel’. Voorbij Kintzheim volgen we tussen de wijnvelden een andere bewegwijzerde fietsroute in de richting van Colmar.

Châtenois Ligt aan de zuidelijke toegang tot de ‘Val de Villé. Deze ingang wordt bewaakt door drie kastelen. Rechts zien we de ruïne van Frankenbourg (703 m, 12de-13de eeuw), strategisch gelegen op de oostelijkste top van de heuvelkam, die Val de Villé scheidt van Vallée de la Liepvrette. Links zien we de ruïnekastelen van Ramstein en Ortenbourg. Daarvan is Ortenbourg de oudste en verreweg de interessantste. Rudolf van Habsburg liet dit kasteel in 1262 bouwen. Hier werden voor het eerst in de Elzas schietgaten in kasteelmuren aangebracht.

Bergheim. Een lindeboom van rond 1300 bewijst de ouderdom van dit toeristisch middeleeuws wijnstadje. Een groot gedeelte van de middeleeuwse vestingmuren met ronde torens is nog bewaard gebleven. Van de ‘Route du Vin’ kom je door de versterkte westelijke toegangspoort (Porte Haute - 14de eeuw) het mooie stadje binnen.

Tussen Châtenois en Bergheim, bij Kintzheim, fietsen we van het departement Bas-Rhin naar dep. Haut-Rhin.

COLMAR [meer info op: http://www.ville-colmar.fr/ en http://users.belgacom.net/alsace/colmar.htm] Colmar (83.900 inwoners), hoofdstad van het departement Haut-Rhin, wordt de mooiste stad van de Elzas genoemd. Het kwam de afgelopen eeuwen telkens op miraculeuze wijze ongeschonden uit diverse oorlogen. Dit is aan het straatbeeld goed te merken: oude vakwerkhuizen rijgen zich aaneen tot sprookjesachtig mooie straten, pleinen en buurtjes. Colmars vakwerk heeft heel ‘schilderachtige trekjes. Behalve in het gebruikelijke wit, is het pleisterwerk hier en daar ook in oker, roze en paars gekleurd. Het merendeel van al dit goed bewaard stedenschoon dateert van de 15de, 16de en het begin van de 17de eeuw. Het werk van de schilders Martin Schongauer en vooral van Matthias Grünewald staat centraal in de prachtige collectie van het beroemde Muséé Unterlinden. Het niet al te grote historisch centrum is tamelijk overzichtelijk. Colmar is half-Duits, half-Frans. ‘Le quartier des Tanneurs’ dat dreigde te verkommeren, werd prachtig gerestaureerd en is nu samen met ‘Petite Venise’ langs het kanaaltje, een van de meest sfeervolle plekjes van de stad. In het toeristisch seizoen is er op de vele terrasjes nog tot laat in de avond een aangename sfeer.

[bewerken] Dag 5 : Colmar-La Claquette

donderdag 5 juni

RIQUEWIHR [meer info op: http://users.belgacom.net/alsace/riquewih.htm]

In toeristische folders krijgt Riquewihr de benaming “La Perle du Vignoble d’Alsace”. Deze Elzasserstad op een hoogte van 300 meter aan de voet van de Vogezen, ligt in een zee van wijngaarden. Riquewihr is ongetwijfeld het beroemdste en het meest bezochte van alle Elzasser wijnstadjes. Is het nog authentiek? Zoals de Mont-St-Michel en Venetië, wordt het ‘s zomers overspoeld door toeristen. Zij worden aangetrokken door de architecturale gaafheid van deze middeleeuwse stad. Riquewihr werd op miraculeuze wijze gespaard tijdens de vorige oorlogen, het bezit meer historische gebouwen dan eender welk Elzasserstadje. Oorspronkelijk was het een versterking uit 1291 met stadsrechten in 1320. Het stratenplan en het stadsuitzicht met de vele klimstraatjes, oude huizen, kerken en kasseien, werd sedert de Renaissance nauwelijks gewijzigd. Huizen vanaf de 15de eeuw en de vestingmuren zijn keurig gerestaureerd en getuigen van architecturale homogeniteit. Riquewihr is in de eerste plaats een wijnstadje, met wijnverkoop in wijnhuizen en ‘weinstubes’ met wijndegustatie. Het telt twee Grands Crus: ‘le Sporen’ en ‘le Schoenenberg’. Probeer de toeristische drukte te ontlopen, de druivenoogst in de herfst is een geschikt tijdstip voor een bezoek. Dag en nacht verspreidt zich dan de geur van druivensap in de straten. Overdag is het centrum autovrij.

Riquewihr bezit een vijftal musea.

  1. La Musée d’Histoire des PTT. Gevestigd in het Kasteel van de Hertogen van Wurtemberg (16de eeuw). Het geeft een overzicht van 2000 jaar geschiedenis van de post in de Elzas vanaf de Gallo-Romeinen tot heden. En ook de geschiedenis van de telegraaf tot de hedendaagse telecommunicatie.
  2. Het ‘Museum de la Diligence’ toont een unieke verzameling en/of maquettes van postkoetsen en diligences, postkoetskostuums,…
  3. Het ‘Musée du Dolder’ toont op de vier verdiepingen van de oude Toren Dolder (1291) een expositie van wapens uit de 15-16de eeuw, folkloristische voorwerpen, oud ambachtsgerief,…
  4. In de ‘Tour des Voleurs’ (Dieventoren, rue des Juifs) is een authentieke folterkamer ondergebracht.

HUNAWIHR -Het ‘Centre de Réintroduction des Cigognes’ werd in 1976 geopend in Hunawihr. Doel is: de gestage terugloop van het aantal ooievaars in de Elzas te stoppen. In 1948 telde men nog 176 ooievaarskoppels, in 1983 nog amper 3. Men maakt van deze trekvogel een standvogel, door het trekkersinstinct uit te schakelen. De jonge vogels worden de eerste twee jaren gekortwiekt, waarna ze de vrijheid krijgen. Veel van deze ooievaars broeden in de omgeving, en keren ’s winters naar het centrum terug. In 1996 telde men opnieuw 150 ooievaarskoppels in de Elzasdorpen. Meer info op: http://users.belgacom.net/alsace/cigognes.htm

  • De ‘Eglise fortifiée’. De versterkte kerk van Hunawihr ontbreekt in weinig Elzas fotoboeken. Het godshuis staat zoals een burcht boven het dorp, te midden van glooiende wijngaarden. Rond het kerkhof is een zeshoekige verdedigingsmuur met halfronde bastions (14de eeuw). Bij oorlog of ontij vluchtten de inwoners van Hunawihr binnen deze muren. Voor het gotische raadhuis (1517) is de ‘Huna-fontein’. Ze wordt gevoed door de waterbron waaruit in een rampjaar, op voorspraak van de heilige Huna, wijn zou hebben gevloeid in plaats van water.
  • Ribeauvillé, is een welvarend wijnstadje en één van dé toeristische trekpleisters van de Elzas. Ribeauvillé kreeg sinds de 12de eeuw stadsrechten van keizer Frederik Barbarossa en bijbehorende privileges. Het dankt zijn rijkdom vooral aan de voortreffelijke wijnen (Riesling en Traminer) van de omringende wijngaarden. Vroeger was er ook de bloeiende textielindustrie. De stad ligt bijzonder aantrekkelijk aan de voet van vrij hoge Vogezen-uitlopers, op de linkeroever van de Strengbach. Ribeauvillé bleef gespaard van het voorbije oorlogsgeweld, en moet het vooral hebben van zijn schilderachtige straatjes en pleinen, en de van mei tot oktober kleurrijk bebloemde huizen. Het stadje lijkt één groot toneeldecor. De sierlijke, smeedijzeren uithangborden – soms ware kunstwerken – zorgen voor een extra feestelijke noot.

Route du Vin

Lengte van de Elzas wijnroute: 170 km. Op deze zigzaggende valleienroute zie je hooggelegen kasteelruïnes, veel wijngaarden op de Vogezenhellingen en kom je in (langs) bebloemde en middeleeuws uitziende dorpjes met oude vestingmuren en gezellige “weinstubes”. In het toeristisch seizoen is het op bepaalde gedeelten van deze wijnroute nogal druk. Fietsers beschikken nu over een alternatief netwerk van bewegwijzerde fietswegen. De wijngaarden zelf strekken zich over 100 km uit van noord naar zuid langs de oostelijke hellingen van de Vogezen. De gemiddelde hoogteligging van de wijngaarden is 200 à 400 m. De productieoppervlakte van de wijngaarden bedraagt 14.500 ha. De Elzas bezit een uitzonderlijk gevarieerde bodemstructuur en geniet van een mild klimaat. Men noteert er de laagste neerslag in Frankrijk (400-500 mm per jaar) omdat de Vogezen de Elzas behoeden voor oceanische invloeden. Dit droge en zonnige halfcontinentale klimaat waarborgt een ideaal rijpingsproces van de diverse druivensoorten. Het geeft de wijnen van de Elzas zijn elegant en complex aroma. Meer info over de wijngaarden: http://users.belgacom.net/alsace/vignoble.htm

Château le Haut-Koenigsbourg (hoogteligging 757 m) Deze hoge middeleeuwse burcht trekt jaarlijks tienduizenden bezoekers, en werd een symbool voor de Elzas. Geschiedenis: Ten tijde van de Hohenstaufens (1138-1254) sieren circa 200 burchten de heuvels van de Vogezen. Op dit bij uitstek strategisch punt bouwen ze vanzelfsprekend een versterking. Als ‘Hoh-Koenigsburg’ wordt het echter in de 15de eeuw een nest van roofridders, en in 1462 ontmanteld door de Straatsburgers. Kort daarna wordt de burcht in de gotische stijl herbouwd. Tijdens de Dertigjarige oorlog wordt het machtige bolwerk geplunderd, en de onbewoonde burcht wordt een ruïne. In 1865 krijgt Séléstat het eigendomsrecht. De stad heeft geen middelen voor restauratie en draagt de ruïneburcht over aan de Duitse Kaiser Wilhelm II. Deze laat de burcht herbouwen door architect Bruno Ebhard. Hij zoekt inspiratie bij de Duitse middeleeuwse burchten. Uitwendig en zeker van uit de verte is de renovatie geslaagd, en de burcht doet niet ‘kitscherig’ aan. In het kasteel worden de bezoekers vergast op een overdaad aan vaandels, wapens, harnassen en hertengeweien, kortom alles wat de sfeer oproept van het middeleeuwse ridderschap. In de ‘Salle des Fêtes’ op de eerste verdieping, liet Wilhelm bij zijn laatste bezoek in april 1918 op het vuurscherm voor de open haard de inscriptie “Ich habe es nicht gewollt” aanbrengen. Deze woorden herinneren merkwaardig veel aan het “Wir haben es nicht gewusst” van na de oorlog! Meer info en foto’s op: http://www.haut-koenigsbourg.net/ en http://www.casteland.com/index.htm

[bewerken] Dag 6 : La Claquette-Blanche Eglise

vrijdag 6 juni

Op en rond het Canal de la Marne au Rhin bevinden zich enkele interessante water- en wegenbouwkundige kunstwerken. Ter hoogte van Arzviller is een kanaaltunnel met eronder een spoortunnel. Ook zijn er restanten van een ‘watertrap’, een deel van het oorspronkelijke kanaaltracé, dat tussen 1844 en 1863 werd aangelegd. Vroeger daalden de schepen hier af via een ‘watertrap’ van 17 sluizen (over bijna vier kilometer) naar de bodem van het Zorndal, een operatie die een dag duurde. Door de bouw van een scheepslift die sinds 1969 in gebruik is, bedraagt die tijd nu nog geen twee uur. Begin jaren 1970 werd het oudere kanaalpand met de sluizentrap gesloten. Jammer, want dit stukje Vogezenkanaal was een van de weinige ‘klimmende kanalen’ in Europa. Tegenwoordig gaat alle aandacht uit naar de moderne techniek van de scheepslift, het ‘Plan incliné de St. Louis-d’Arzviller’. Een fraai staaltje waterbouwkunde, een cadeautje van De Gaulle aan de hem zeer welgezinde Elzas. De lift bestaat uit een met water gevulde bak van 43 meter lengte, waarin schepen tot 350 ton langs een helling worden opgetrokken of neergelaten. Een hoogteverschil van 44,50 meter wordt zo overwonnen, de ‘reistijd’ twintig minuten. Het Plan Incliné is van begin maart tot eind oktober te bezoeken van 8.00 tot 12.00 uur en van 15.00 tot 18.00 uur. Een 39 meter lang binnenschip is als ‘Binnenschippersmuseum’ ingericht. Meer info: http://www.images-of-france.com/travel/PIXLIST/images/lorraine/canals/ http://www.plan-incline.com.fr/ en http://www.dmh-photo.co.uk/travel/index.htm

Attentie: Arzviller ligt niet op de uitgestippelde route. Voor een bezoek aan Arzviller (tussen Niderviller en Lutzelbourg), fiets van Abreschviller via Walscheid en de Vallée de la Zorn naar Arzviller.

[bewerken] Dag 7 : Blanche-Eglise–Metz

zaterdag 7 juni

Op de terugweg nemen we in Dieuze de alternatieve weg D22. In Vergaville komen we langs een 20 ha grote visvijver “Moulin de Vergaville”. Hier kan je vissen op reusachtig grote rode goudkarpers van meer dan 10 kg. Deze en gelijkaardig putten in de omgeving zijn het resultaat van afgravingen van de rijke kalkzandgronden. Info op: http://www.carpconnections.nl/CarpConnections_NL/vakanties/frankrijk/vergaville/vergaville.htm

  • Richting Metz fietsen we langs de rivier Nied in ‘Le pays de Nied’. De sterk meanderende Nied vloeit door een gebied met veel weiden. Ten noordwesten van de Nied, ligt een stille, bijna vergeten streek, met uitgestrekte bossen, ‘le Haut Chemin’, waarover weinig opzienbarends te melden is.
  • We passeren opnieuw langs Pange (900 inw.). Hier staat een groot kasteel (1720-1756) in barokstijl. Een foto ervan vind je op: http://perso.club-internet.fr/steph_ru/photos/Pange.htm

[bewerken] Toeristische informatie

Op deze groepstocht fietsen we door twee Franse regio’s: Lorraine (Lotharingen) en Alsace (Elzas)

1. LORRAINE

Info op: http://www.cdt-lorraine.fr 

Lorraine is samengesteld uit de 4 departementen Meurthe-et-Moselle, Moselle, Vosges en Meuse. Wij fietsen daar alleen in Moerthe-et-Moselle (54) [info: http://www.cdt-meurthe-et-moselle.fr/] en Moselle (57) [info: http://www.cdt-moselle.fr/]. Meer centraal in Lorraine fietsen we door het ‘Parc Naturel Régional de Lorraine’, en bereiken de rand van departement Vosges (88) [info: http://www.vosges.fr/]

Lorraine kenmerkt zich door een groen glooiend tot sterk heuvelachtig landschap, kleine dorpjes, kunststeden en mondaine kuuroorden, talloze meren, kanaaltjes en overweldigend veel bosgebied. Het klimaat in Lorraine verschilt weinig van ons klimaat, het neigt iets meer naar landklimaat. 's Winters is het er een beetje kouder, 's zomers is het ongeveer even warm. De Vogezen vormen een barrière voor de wolken uit het westen, zodat er behoorlijk veel regen valt. Maar na een bui klaart het snel op! Daarom is Lorraine een heerlijke regio om een weekend te genieten van de rust, de natuur en het cultuuraanbod. Het meest typische van de lokale gastronomie is de “Quiche Lorraine”.

Lorraine grenst in het westen aan Champagne-Ardennes, in het oosten aan de Elzas en in het noorden aan de Belgische Ardennen en het G.H.-Luxemburg. De steden Verdun, Metz en Nancy zijn bekend, maar veel toeristen razen door Lorraine richting zuiden, onwetend van het overige streekaanbod. Geschiedenis, cultuur en natuur zijn er in overvloed aanwezig. Het is de geboortestreek van Jeanne d'Arc. De herinnering aan de Eerste Wereldoorlog en de Maginotlinie, wordt in Lorraine zeer levendig gehouden.

In de Hoge Vogezen vind je prachtige natuurgebieden, en ook de kuuroorden Contrexeville en Vittel met natuurlijke warmwaterbronnen. In de Noordelijke Vogezen vind je minder bekende pareltjes.

2. ALSACE

Info: http://www.tourisme-alsace.com en http://users.belgacom.net/alsace 

De ELZAS bevat de departementen Bas Rhin (67) [info: http://www.tourisme68.asso.fr/] met hoofdstad Straatsburg, en het departement Haut Rhin (68) [info: http://www.tourisme68.asso.fr/] met hoofdstad Colmar. Het gebied komt in grote trekken overeen met een strook met een breedte van 30 kilometer, en een lengte van 170 kilometer. De Elzas is grosso modo begrensd door Zwitserland (zuiden), door Duitsland (noorden), door de Vogezen (westen) en door de Rijn (oosten). Er zijn drie grote centra: Straatsburg, het cultureel, het intellectueel en het financieel centrum; Colmar, het landbouw- en wijncentrum; Mulhouse, het industriële- en het handelscentrum.

[bewerken] Verslag van de groepstocht in ‘De Vakantiefietser'

Nr. 4-2003

ALSACE en LORRAINE

MET ‘DE VAKANTIEFIETSER’ OP GROEPSREIS

Tekst Anne Morlion, Foto’s Wilfried Witters

Via via verneemt Anne Morlion toevallig dat ‘De Vakantiefietser’ dit jaar een reis organiseert naar ‘den Elzas’; van 31 mei tot 8 juni 2003 (*). Met deze achtdaagse groepstocht richt ‘De Vakantiefietser’ zich in de eerste plaats tot fietsers met een beperkte fietsreiservaring. Ze besluit deel te nemen en schrijft het reisverslag.

Vermits ‘den Elzas’ al enige tijd op mijn verlanglijstje staat, neem ik onmiddellijk contact op met de initiatiefnemer van de groepstocht, André Ramault. Hoewel ik een beetje vrees voor het - naar mijn normen - zware parcours, schrijf ik toch in, gebeten door zijn aanstekelijk enthousiasme.

Heuvels en kuitenbijters Om mijn conditie wat op te krikken, maak ik een paar fietstochten in de Voerstreek en het Pajottenland, in de hoop dat het dan wel zal lukken! Zaterdag 31 mei, om 19.00 uur staat iedereen paraat in Torgny bij Virton. Al vlug voel ik dat ik te maken heb met een groep gelijkgestemden. Na de eerste kennismaking ontvangt iedereen een set kaarten waarop het parcours wordt ingekleurd. Dit kan nuttig zijn wanneer iemand de groep kwijtspeelt… met 19 fietsers zou dit wel eens kunnen gebeuren. Zoals tijdens de hele reis zal blijken, is het reliëf heuvelachtig met stevige kuitenbijters. Maar alle deelnemers hebben zich goed voorbereid, al is het voor iedereen af en toe op de tanden bijten, zeker onder die bloedhete zon. Tijdens de dagelijkse evaluatiesessie mag iedereen zijn zegje doen. Na twee dagen wordt besloten om het tempo wat te verminderen. Een kwestie van niet elke dag voor een gesloten gîte of jeugdherberg te willen staan! De sterke koprijders moeten dus wat afremmen, maar voor hen heeft André een paar extra cols in petto. Nu gaan we echt de geniettoer op: zon van 's morgens tot 's avonds, buiten picknicken, geregeld rustpauzes, bezoekjes links en rechts, prachtige vergezichten en ellenlange afdalingen, geen technische problemen, 's avonds een stevige maaltijd overgoten met bier of Elzasserwijn, toffe ambiance, goede en gezellige overnachtingsplaatsen (vooral de ‘gîte d’étape’ van Blanche-Eglise) en een ervaren tochtbegeleider die alles in goede banen leidt.

Mijn eerste col De derde dag wordt ons kunnen echt op de proef gesteld met de ‘Col du Donon’, de eerste col in mijn ‘fietscarrière’. De klim tot op een hoogte van bijna 800 m lijkt eindeloos lang, maar na veel puffen en zweten bereiken we de top. Juist op tijd, want een hevig onweer barst los: bakken water en dikke hagelstenen vallen uit de lucht, maar wij zitten droog in het café! Dagelijks worden de nodige pepdrankjes, mueslirepen en rijstpapjes naar binnen gewerkt. Ze verrichten wonderen tijdens het vele klimwerk. Voeg daar nog een paar miraculeuze Limburgse keeltabletten aan toe en de klim naar de Höhe Königstein (Haut-Koenigsbourg) is nog maar kinderspel!

Improviseren Op zaterdag 7 juni splitst de groep zich in tweeën: de tennissers en de zwemmers. De eerste en grootste groep haast zich naar de jeugdherberg van Metz. Daar willen ze voor het kijkkastje de Belgische damesfinale op Roland Garros tussen Justine Henin en Kim Clijsters volgen. Ondertussen leeft de tweede groep zich uit in een ‘verboden zwemzone’. De dames beschikken niet over een zwempak en moeten dus improviseren, maar dat lukt hen aardig! ’s Avonds in de tuin van de jeugdherberg van Metz worden pakjes uitgedeeld; cadeautjes van de hele groep aan André en Pol om hen te danken voor de goede organisatie en de reisbegeleiding. Iedereen heeft vanaf de eerste dag gemerkt dat het stuurtasje van André aan een echte overlevingstocht bezig is, en dus was de cadeaukeuze vlug gemaakt: een knalgele nieuwe stuurtas! Het einde van deze groepsreis komt in zicht en al dadelijk worden er plannen gesmeed om na de zomer een fietsweekend te organiseren en de foto’s uit te wisselen. Dit was voor mij echt een heerlijke vakantie! Nu, een aantal weken later, verkeer ik nog steeds in de roes van het nagenieten!

(*) De tocht door de heuvelachtige regio Lorraine (Lotharingen) gaat van het departement Moerthe-et-Moselle naar het departement Moselle. Bij Metz herinnert de Maginotlinie aan Frankrijks oorlogsverleden. Via de ‘Col du Donon’ leidt de route de deelnemers naar het departement Bas Rhin, in de toeristische wijnstreek Alsace (Elzas). Het schilderachtige Elzasstadje Colmar (departement Haut Rhin) is het verst gelegen punt op de route. Na het bezoek aan de ‘Elzasparel’ Riquewihr, is de legendarische burcht Haut-Koenigsbourg de volgende klimuitdaging. De namen van veel dorpjes herinneren eraan dat de tocht door voormalig Duits gebied loopt. Langs het ‘Canal de la Marne au Rhin’ gaat het aan een ‘toeristisch tempo’ terug naar het vertrekpunt. De gemiddelde dagafstand bedraagt 83 km. De nauwkeurige routebeschrijving, praktische gegevens over de overnachtingplaatsen en uitgebreide toeristische streekinformatie bij deze, en de drie voorgaande groepstochten, kun je vinden op de website van ‘De Vakantiefietser’: www.vakantiefietser.be of via a.ramault@skynet.be

===
Persoonlijke instellingen